Maandelijks archief: april 2010

Bovenste onder (of was het onderste boven?)

Af en toe heb ik het gevoel dat er twee werelden zijn. En soms zit ik midden in de ene, en lijkt de andere mijlen ver weg. Het andere moment is het geheel andersom.

Stand-up Inspiration
Vorige week had ik het geluk een kaartje te kunnen bemachtigen (dank je wel Theo) voor Stand-up Inspiration in Amsterdam. De zaal is gevuld met mensen die energie, inspiratie en hun netwerken met elkaar delen. Deze mensen ervaren overvloed en zijn totaal niet bang om weg te geven. Ze weten dat ze daarmee helemaal niets verliezen, eerder heel veel winnen (Wuffies). Een heerlijke avond in de onderstroom. Op weg naar huis realiseerde ik mij wel dat een deel van deze mensen vooral met elkaar omgaat, waardoor de overvloed binnen dezelfde groep wordt gedeeld.

Bovenstroom
Aan de andere kant kom ik bij veel ondernemers over de vloer, waarin sterk gedacht wordt vanuit schaarste en de angst om te verliezen. Verliezen van: geld, marktpositie, klanten, werk, mensen. Maar ook vanuit verliezen van controle en grip. En dit is nog steeds de meerderheid: de bovenstroom.

Trendtour Nieuwe Werken
Afgelopen maandag mocht ik samen met een collega een aantal managers uit deze bovenstroom meenemen op een soort Trendtour langs voorbeelden van het Nieuwe Werken. We mochten in de keuken kijken bij SNS Reaal en Microsoft. Bedrijven die op zoek gaan naar het optimaal faciliteren van hun mensen om vanuit hun eigen kracht bij te dragen aan het resultaat van de onderneming. Voor de managers was het in eerste instantie behoorlijk shocking wat ze te zien kregen. Mensen die veel meer vrijheid krijgen om zelf te bepalen wanneer, hoe en waar ze werken. Aansturing op commitment en resultaten. Vergaderen op afstand en strak geregiseerd. En focus op medewerkerstevredenheid boven klanttevredenheid. Er van uitgaande dat tevreden medewerkers (van)zelf zorgen voor tevreden klanten. Dit is ook allang bewezen in diverse onderzoeken onder andere door David Maister.
Voor een aantal was het lastig om enigszins de link te zien met hun eigen activiteiten. De vraag was dan ook al snel: “ Kan dit in alle soorten organisaties, met alle soorten mensen?” “Natuurlijk”, was het antwoord direct. “Mits je als organisatie faciliteert vanuit de individuele behoeften van de mensen die jij in huis hebt en de processen die bij jou belangrijk zijn. In een productieomgeving ziet het er bijvoorbeeld heel anders uit dan in een adviesorganisatie.

In de mix
Ik geniet er vooral van om de onderstroom met de bovenstroom te kunnen verbinden. Ik geniet enorm als ik zie dat mensen, die in eerste instantie in de weerstand gaan vanuit angst, zich openen tijdens de ontmoeting met anderen en ontdekken hoe ze kunnen samenwerken aan een mooiere, fijnere werkomgeving. Dan ineens zie je kennis en energie stromen en mensen blij worden.
Het gaat om het mixen van de onder- en de bovenstroom. Wil jij daar ook een bijdrage aanleveren? Er is een prachtig initiatief aan het ontstaan onder de naam ‘7days of inspiration’ of terwijl 7DI. Daar gaat het op landelijk niveau gebeuren, februari 2011. Ik doe mee.

7DI here I come!

Twitteren, wat moet je er mee?

Vanochtend bij de bakker kreeg ik de vraag weer: “Twitter jij? Wat moet je daar mee?” De betreffende persoon is ondernemer en zag wel de voordelen van LinkedIn, maar Twitter????? En dan vertel ik maar niet dat ik ook aan FourSquare doe …..

Mijn ervaringen met Twitter

Een uurtje later zal ik lekker met een kop koffie thuis op de bank (mijn mamadag) even op Twitter te neuzen. Op dat moment voel ik mij verbonden met een collega die naar Milaan vertrekt met creatieve ondernemers, even succes en plezier wensen. Ben ik even verbonden met een collega die wel erg hard aan het hollen is: ik bied hem een remparachute aan. Maar hij geeft aan hem niet direct nodig te hebben. Ik weet nu dat hij het nog steeds aan kan. “Goed te weten.” Ik zie dat een ondernemer haar eerst aanmelding voor haar nieuwe training Prezi binnen heeft. “Fijn voor haar. Ik geniet even mee.” Ik zie de conversatie tussen twee ondernemers uit één van mijn leren-van-elkaar-kringen over de essentie en focus van hun onderneming. ‘Mooi, ze houden elkaar scherp.” In een paar minuten weet ik weer een heleboel over wat er bij mijn collega’s, belangrijke relaties en andere interessante mensen speelt. Soms heel inspirerend, soms heel handig, soms gewoon een lekker gevoel van verbondenheid.

Wat zet je op Twitter?
Alles wat in mijn beleving interessant is voor anderen in maximaal 140 karakters. Dat kunnen persoonlijke dingen zijn, waarvan ik het fijn vind als mijn vrienden het weten. Als voorbeeld, afgelopen weekend ben ik het hele weekend druk geweest met het verplaatsen van een oude boom. Dat wat fysiek vermoeiend, maar ook mentaal een uitdaging. Ik was er nog niet zeker van of het zou lukken. Via de Twitter kwamen er suggesties, aanbiedingen om te helpen en ervaringen. Heerlijk.
Maar het meeste Twitter ik informatie waarvan ik denk dat anderen hier ook iets mee kunnen: een indrukwekkend filmpje, een goed boek, een interessant detail, een eigen ervaring die het waard is om te delen.

Geld verdienen met Twitter
Leuk ter inspiratie, denk je misschien. Zeker. Maar kun je er ook geld mee verdienen? Zeker wel. Afgelopen jaar heb ik een aantal ondernemers, die last hadden van de crisis, gestimuleerd om te gaan Twitteren. In eerste instantie om het gewoon eens te proberen, tijd was even geen issue. En eigenlijk alle ondernemers die het zijn gaan doen hebben er uiteindelijk ook gewoon business uit weten de halen. Eén van de ondernemers heeft het lef gehad om eerlijk aan te geven hoe moeilijk het op dat moment in haar business was en dat zij op zoek was naar nieuwe klussen. Met de open vraag wie haar zou kunnen helpen. Hoewel er een paar mensen waren die negatief reageerde op haar bericht kwamen er over het algemeen veel positieve reacties en ook al heel snel werk. Een ander mooi voorbeeld vind ik ook ‘Durftevragen’. Naast het concept van Nils Roemen waarbij je IRL (in real life) je vraag stelt en anderen met antwoorden, netwerken en suggesties komen. Is er ook een levendig handel in vragen op Twitter. Met de hashtag (#) #durftevragen stellen mensen allerlei vragen van “wie kent er een goede DotNet-specialist” tot “Welke HR beleidspunten dragen bij aan het realiseren van de medewerker haar ambitie?” of “Ben trouwens op zoek naar een leuk baantje voor in de zomer 🙂 iets met audio ^^ iemand een idee?”. En natuurlijk zitten er ook onzin vragen bij, maar mijn eigen ervaring is: als je een serieuze vraag stelt, krijg je binnen de kortste keren een heel aantal goede antwoorden en suggesties terug.

Aan de slag
Wil jij meer weten over wat jij er mee kunt? Ga het dan gewoon eens proberen. Het aanmaken van een account op www.twitter.com kost je een paar minuten. En daarna kost het zo veel of zo weinig tijd als je zelf wilt. Ik kies er soms voor om een dag wel een half uur te Twitteren, maar ik heb ook veel dagen dat ik helemaal niets doe, of alleen aan het eind van de dag even de belangrijkste Tweets bekijk. Jij kunt alleen zelf ontdekken wat het voor jou kan betekenen. Door het te gaan uitproberen.
Ben je ondernemer en wil je ook weten wat je er zakelijk mee kunt? Kom dan op 28 april naar het landelijke event van Syntens “Groeien met Sociale Netwerken” en hoor hoe andere ondernemers het doen, laat je helpen om het zelf te proberen en laat je inspireren door echte Social Media kanjers (Nalden, Mister Harden). Het event vindt plaats op 10 locaties door heel Nederland.

Externe maatstaf

Afgelopen week had ik vergadering met de MR (medezeggenschapsraad) op de basisschool van mijn kinderen. Op gegeven moment kwam het onderwerp op de leerprestaties van kinderen op school. Uit onderzoek binnen alle Arnhemse scholen was de conclusie getrokken dat de school “toetsgericht werkt”. Dit betekent dat er in de klassen bewust wordt gewerkt om de cito-score van de kinderen gunstig te beïnvloeden. Het gaat hier niet om de cito-toets van groep 8, maar de cito toetsen vanuit het leerlingvolgsysteem. Dit kunnen de onderzoekers herkennen, doordat zij weten welke leermethoden de school gebruikt. Aan de hand daarvan kunnen ze zien dat kinderen zaken beheersen die ze eigenlijk nog niet gehad zouden moeten hebben, als de leermethode strikt was gevolgd. De discussie ging er over of dit wenselijk is en waarom. Wat mij opviel in deze discussie is, dat er vooral geredeneerd wordt vanuit het perspectief van ouders (die vinden het vreselijk belangrijk dat hun kinderen goed presteren op de cito) en docenten (die zich enorm hebben te verdedigen richting deze vaak zeer mondige ouders). Dat het niet wenselijk is vanuit een kindperspectief, omdat het voor kinderen te verwarrend is, wordt afgedaan met: “Maar op de cito-toets van groep 8 scoren de kinderen toch heel goed, dus het heeft geen effect”. En dat laatste is zeker waar als je kijkt naar cognitieve ontwikkeling.

Eén van mijn mede-ouders in de MR vertelde haar ervaring op een andere school. Deze school wilde een aparte klas voor hoogbegaafde kinderen starten. Veel ouders hadden hun kind aangemeld voor dit initiatief. De kinderen werden getest en deze ouder deed samen met de onderzoeker de terugkoppeling naar de ouders. En wat bleek: veel ouders bleken hun kinderen zwaar te overschatten en een groot deel van de kinderen bleken gemiddelde kinderen.

Wat is hier toch aan de hand, vraag ik mij af. Waarom hechten wij / ik toch zo veel waarde aan de cito-score en IQ? Als je het goed doet op school heb je later veel meer kansen, heb ik van mijn vader geleerd. Maar is dit wel zo? In mijn dagelijkse praktijk met ondernemers kom ik menig succesvol ondernemer tegen die het juist helemaal niet goed deed op school. Het manier van onderwijs sloot niet aan bij de behoefte van deze ondernemers, waardoor zij afhakten of gingen klooien.  Maar hoe erg is dat? Deze ondernemers zijn toch ook prima terecht gekomen.

Gaat het wel over de toekomst van onze kinderen, of speelt er nog iets anders mee? Met zelf een kind dat aan geen enkele externe maatstaf voldoet, merk ik dat als je even doorpraat met ouders bijna alle kinderen wel een vlekje hebben en zorgen geven. Toch willen wij heel graag aan de buitenwereld doen geloven, dat wij de ideale ouders zijn, met perfecte kinderen. Anders zijn is lastig, past niet in ons leefpatroon, past niet bij ons statusprofiel. Een externe maatstaf die wij als ouders elkaar opleggen. Maar worden onze kinderen daar gelukkiger van? Ieder gezond denkend mens zal meteen ontkennen. Natuurlijk niet. Onze kinderen worden gelukkiger als wij ze zichzelf laat zijn, aanmoedigen om zichzelf te ontwikkelen en de ruimte geven om zelf te leren en fouten te maken.

En er is er maar één die dit kan veranderen, dat ben ik zelf. Ik spreek met mijzelf af dat ik vanaf nu de Cito-scores niet meer belangrijk vind. Als mijn kinderen zich even minder goed ontwikkelen ga ik overleggen met de juf zij denkt dat nodig is, en wat ik kan doen om te helpen. Daarmee hoop ik de juf het vertrouwen te geven om vooral vanuit het kindperspectief te blijven kijken en handelen. En naar de buitenwereld schreeuw ik uit: mijn kinderen zijn niet perfect, ze zijn gewoon lekker kinderen, waar wij nog veel van kunnen leren. En als jij nu mee doet, wie weet wordt het onderwijs dan weer een stukje fijner voor onze kinderen!

Geniet nog even van dit prachtige kind: Adora Svitak over wat volwassen en kunnen leren van kinderen: