Maandelijks archief: juni 2010

Oordeel uitstellen? Wat een onzin!

Hoofd-oordeel
Tijdens mijn NLP-opleiding heb ik al geleerd hoe belangrijk het is om je oordeel uit te stellen en onbevooroordeeld open te staan voor verbindingen en informatie van anderen. Vorige week mocht ik deelnemen aan een workshop Authentiek Spreken, waarin dit één van de drie regels was. Naast stilte en ademhaling vanuit de buik. Een mooie manier om te leren spreken voor kleinere en grotere groepen. En het werkte weer fenomenaal. Vooral het uitstellen van het oordeel over mijzelf werkt enorm bevrijdend. Door mild te zijn naar mezelf is het makkelijker om gewoon stil te zijn en pas te gaan praten als de flow aan woorden vanuit mijzelf boven komt. Niet te moeten praten, niet iets specifieks te moeten zeggen, niet te hoeven imponeren, maakt uiteindelijk mijn verhaal authentieker, interessanter en leuker om naar te luisteren. Mijn hoofd (lees oordeel) en mijn denkpatronen zitten mijn authenticiteit in de weg. Maar het zelfde geldt voor luisteren. Door niets te denken, maar gewoon open te staan voor wat er komt van de ander, ontvang ik meer.

Buik-oordeel
Maar hoe zit het met je intuïtie? Kun je dat ‘oordeel’ ook uitstellen? Op dezelfde dag ontmoette ik iemand waarvan ik direct enorme pijn in mijn buik kreeg. Mijn collega, aan wie ik dit vertelde, zei direct “hoe weet je dat nu, stel je oordeel uit”. Ik heb dat echt geprobeerd, maar de buikpijn ging niet over. Tijdens de workshop deed iedereen zijn beste om zich kwetsbaar op te stellen, te leren en te delen met anderen, behalve de persoon waar ik buikpijn van kreeg. Hij bleef energie zuigen en ik bleef het nare gevoel houden. En aan het eind van de dag was mijn conclusie, je oordeel in je hoofd kun je uitstellen, dat levert veel op. Maar je intuïtie liegt niet, en hoef je dus niet uit te stellen. Ook als je hem nog niet rationeel kunt uitleggen. Die heeft toch wel gelijk. Luister er naar en doe er wat mee. In mijn geval was dat mijn energieflow afsluiten voor deze energievreter.

Herinneren en afleren
Eigenlijk is het best gek dat wij vooral geleerd hebben om de signalen uit ons hart en buik te negeren en te onderdrukken, terwijl wij de signalen uit ons hoofd heel serieus nemen. Dat heet opvoeding en scholing. Emoties mogen we niet te veel tonen, en zetten we vast in ons lichaam en keuzes moeten we vooral rationeel onderbouwen. Zo leren we dat als kind, thuis en op school. En vervolgens als we ouder zijn, ontdekken we dat we hiermee ons zelf voor de gek houden, en eigenlijk onze intuïtie allang weet wat we willen en zouden moeten doen. Nu nog vaardig worden in het rationeel verkopen van ons buikgevoel voor die ander die een verklaren wil. Of gewoon maar af doen met “zo voel ik het nu eenmaal.”
Het boek “De vrije wil bestaat niet” beschrijft dit ook, hoorde ik van een collega. Daar ga ik mij nog maar eens goed in verdiepen.

En verder ga ik vooral luisteren naar mijn buikoordeel en mij niet meer afvragen waarom ik voel, wat ik voel.

Advertenties

Anders doen, anders zijn

Wat is eigenlijk ‘anders’? Is niet iedereen een beetje anders?

Vanuit school en de schoolbegeleidingsdienst hebben wij het verzoek gekregen om met onze dochter te gaan praten over het ‘anders zijn’. We hebben een boekje mee gekregen met de titel “De wereld van Luuk” met daarin een verhaal over een jongetje met een vorm van autisme. Wij worden geacht dit met haar te gaan lezen en dan met haar te praten over autisme. En ik merk dat ik hier enorm mee worstel. Ik heb daarbij drie vragen: waarom, wanneer en hoe?

Waarom?

De belangrijkste worsteling is: waarom zouden wij dit doen? Doen wij dit omdat dat beter is voor haar, of omdat het beter is voor haar omgeving? Haar huidige omgeving, vooral ons gezin en haar klasgenoten, weten allang dat zij anders denkt en reageert dan een ‘gewoon’ kind (wat dat dan ook mag zijn). Dus volgens mij levert het daar niet veel op om het expliciet en bewust te maken. Dat zal wel veranderen als zij straks bijvoorbeeld naar de middelbare school gaat. Maar dat duurt nog een aantal jaren.
En als ik naar haar kijk, weet ik dat zij het onbewust weet, zij benoemt het alleen niet en is het zich niet echt bewust. Wat levert het haar op om het expliciet te maken en een naam te geven? Kan zij iets met deze informatie en zo ja, is dat positief of negatief? Kan het haar helpen om haar omgeving handvaten te geven om in harmonie met haar om te gaan? Of geeft het haar juist een knauw in haar zelfvertrouwen en zelfredzaamheid?

Wanneer?

Mijn tweede worsteling is: wanneer zouden wij dit doen? Doen wij het, als haar omgeving dit wil of vraagt, of pas als zij zelf aangeeft hier iets mee te willen? Mijn gevoel zegt dat zij er nog niet aan toe is, maar misschien ben ik er zelf nog niet aan toe. Boekjes over anders zijn leiden niet tot vragen van haar kant, eerder tot afwijzing: “die wil ik niet lezen”.
Voorlopig kunnen we haar een omgeving bieden, waarin zij zich vrij kan bewegen, lekker in haar vel zit en zich goed ontwikkelt. Is het al tijd om haar wakker te schudden en te confronteren met een ‘onze’ realiteit? Want wij zijn degene die haar ‘anders’ labelen. Of is het nog tijd om te genieten en kinderlijk vrij te zijn?
De discussie bij Rondom Tien zet mij wel weer aan het denken.

Hoe?

En als we haar dan gaan helpen om het bewust te maken en onder woorden te brengen: hoe doen we dat dan? Welke wegen kunnen wij bewandelen? Welke rol hebben wij als ouders daarin? Zijn wij er om vooral onvoorwaardelijk van haar te houden, of hebben wij een verantwoordelijkheid om haar daarin te begeleiden? En hoe doe je dat dan op een liefdevolle en onvoorwaardelijke manier?

Ik heb vast een paar tips gekregen die ik ga onderzoeken (dank je wel Jenny):
De wereld van Luuk, Ik ben Speciaal, Mick is anders, Bibi en autisme,…

Maar de belangrijkste tip: volg je gevoel!

Rode aap: blijven of gaan?!

Red Monkey Innovation Management

In de metafoor van Jeff Staas, ‘mijn organisatie is een oerwoud’, begeven zich Red Monkeys. Dit zijn apen die aan de rand van het oerwoud (de organisatie) in contact komen met bijvoorbeeld rode krabben op het strand grenzend aan het oerwoud. Door de invloed van deze rode krabben, verandert de aap zijn kleur. Deze rode apen staan voor de mensen in een organisatie die innoveren en vernieuwen. Deze mensen passen niet zo goed in de organisatie en moet je dus ook niet midden in het oerwoud brengen. Daar worden ze afgeslacht door de traditioneel bruine apen, die willen dat alles in het oerwoud bij het oude blijft. Toch heeft het oerwoud rode apen nodig, voor als er bijvoorbeeld een ziekte uitbreekt, of hongersnood. Zij zorgen voor de mutaties die nodig zijn bij veranderende omstandigheden. En vergroten daarmee de overlevingskans van de kolonie.

Mijn Red Monkey-schap

Nu ben ik zelf zo’n Red Monkey. Ik hou van vernieuwing, ben nieuwsgierig naar de wereld om ons heen, af en toe een beetje ondeugend en probeer mij aan te passen om zo het belang van onze organisatie, zeg maar: haar werkelijke toegevoegde waarde, zo slim mogelijk te realiseren. Nu leven wij op dit moment in een sterk veranderende omgeving, denk maar aan het financieel-economische systeem, de politiek, het klimaat en demografische ontwikkelingen. Roerige tijden die zijn invloed ook op onze organisatie niet missen. Reden voor ons MT om het voortouw te nemen in een herpositionering. Het is tijd om duidelijk te kiezen waar onze werkelijke toegevoegde waarde ligt en daar met elkaar de schouders onder te zetten.

In het oerwoud

Afgelopen week hadden wij in dat kader een ouderwetse heisessie met alle mensen uit onze regio, met als doel het scherp krijgen van onze toegevoegde waarde en het vertalen daarvan naar ons concrete werk: hoe kunnen wij deze toegevoegde waarden dan slim realiseren?
En wat schetst mijn verbazing, zowel het proces, als de voorstellen van veel van mijn collega’s, zijn een herhaling van onze positionering van 10 jaar geleden. Een grotendeels topdown proces onder het mom van “dat hoort een MT toch te doen, wat hebben ze anders voor toegevoegde waarde”, aldus de externe die ons begeleidde (deze laatste vraag vind ik overigens een hele interessante, maar daar was geen tijd voor). En volgens velen alleen nog activiteiten die we 10 jaar geleden al belangrijk vonden: technologische innovatie stimuleren, en vooral niet te veel bezig met nieuwe zaken als spiritualiteit, social media en ondernemerschap.

Ben ik nog wel een Red Monkey?

Al 10 jaar vecht ik in onze organisatie om de onderwerpen rond Sociale Innovatie hoog op de agenda te krijgen, omdat ik weet, zie, geloof en voel dat daar de sleutel ligt om de huidige roerige tijden het hoofd te bieden en zelfs economisch sterker uit de strijd te komen. Maar hoe lang wil ik nog strijden? Soms ben ik het zo moe om altijd maar weer de barricades op te gaan. Soms word ik zelfs cynisch. Ben ik nog wel een Red Monkey of word ik langzaam aan een oude zeur?

Great work

Het is voor mij tijd om een essentiële keuze te maken vanuit de vraag: Waar is mij eigen toegevoegde waarde het grootste: aan de rand van een traditioneel opererende organisatie (als Red Monkey) of als zelfstandig ondernemer op zoek naar plekken waar ik kan helpen bouwen en minder hoef te vechten?

Mooi filmpje over Great Work, met dank aan Dorothé Vos.

“Als je doet wat je altijd hebt gedaan, krijg je wat je altijd hebt gekregen” (Richard Bandler, NLP)
Dit geldt zowel voor mij, als voor Syntens!