Tagarchief: missie is de baas

Initiatief durven nemen

“Wat vertellen wij over vandaag, als we morgen weer op het werk zijn?” Dit was een belangrijke vraag voor de medewerkers met wie wij op ‘de hei’ waren vorige week. Het waren de ambassadeurs van de nieuwe cultuur binnen Jazo Zevenaar. Al deze mensen waren gekozen door alle medewerkers in een eerdere enquete over PRET-beleid (PRET is een afkorting voor Positief, Respect, Enthousiasme, Teamwork). Voldoende draagvlak voor deze mensen en deze actie zou je dus denken. Misschien wel, en toch vonden deze 13 mannen en één vrouw het lastig. Ze hadden het gevoel dat zij verantwoording moesten afleggen aan hun collega’s over wat ze met hun tijd deze middag hadden gedaan. Ze hadden nog niet het gevoel dat er vertrouwen was dat zij hun tijd nuttig zouden besteden. Of was dat meer hun eigen reflectie? Hebben ze zelf wel door hoe belangrijk het is wat zij die middag hebben gedaan? Als jij lasser bent op de aluminiumafdeling en elke dag je best doet om de projecten zo goed en snel mogelijk te lassen, dan is een middag op de hei praten en werken aan waarden, gedrag en cultuur ook een flinke stretch. Aan zijn talenten ligt het zeker niet. Hij snapt cultuur prima en weet wat er nodig is om PRET-beleid nog verder te verankeren in de organisatie.

Initiatief van onderop

Het was een prachtige middag op een mooie plek in het Montfland. We startte met het filmpje van het Indiase jongetje (blijft mijn alltime favorite) die zijn talenten inzet om een klein zetje te geven aan een boom die in de weg ligt. Een uitdaging die veel te groot is voor dit kleine jongetje, maar hij laat zich daardoor niet beperken en ontketent de kracht van de massa. Vanuit de enquete resultaten en geïnspireerd door het filmpje kwamen we samen op een aantal vraagstukken voor Jazo. Met deze vragen gingen we het bos in om, al lopende, met elkaar van gedachten te wisselen. Daaruit ontstonden mooie gesprekken over voorbeeldgedrag, spraakverwarringen en intenties. Een van de bijzondere constateringen die ik graag wil noemen is het voorbeeldgedrag van de directeur. Ik hoor namelijk steeds weer mensen om mij heen zeggen dat als de directeur niet het goede voorbeeld geeft, het toch niets wordt. Of als het niet geïnitieerd wordt vanuit de directie het niet goed is, of zelfs als muiterij wordt gezien. In mijn beleving een smoes om zelf niet in actie te komen. Bij Jazo erkennen de medewerkers dat de directeur het ook niet altijd makkelijk vindt om Positief, Respectvol, Enthousiast en Teamwork te doen. Hij is opgevoed vanuit autoritair leiderschap en dat zit hem in de genen. Wat hem echter enorm veel waardering oplevert, is dat hij dat durft toe te geven, excuses aanbiedt als hij in oud gedrag is vervallen en bereid is om te leren. De medewerkers herkennen en erkennen openlijk zijn goede intenties. Ik ben er van overtuigd dat zonder deze steun vanuit medewerkers de directeur deze kwetsbaarheid en bereidheid tot leren niet of veel minder zou laten zien. Daarnaast geeft de directeur ruimte aan initiatieven van onderop. Niet de directeur, maar Pascal, de hoofdengineering had het initiatief genomen tot de medewerkersenquête en de heisessie. De directeur laat het gebeuren en vertrouwt op de goede intentie.
Boom omduwen Jazo

Missie is de baas

Het is prachtig om te mogen meedoen en mee leren met een bedrijf als Jazo, maar het is ook leerzaam om het zelf te doen. Afgelopen week nam ik samen met een aantal collega’s het initiatief om de professionele talenten van onze collega’s te mobiliseren om meer handen en voeten te geven aan de inhoudelijke missie van de nieuwe Kamer van Koophandel, waar wij volgend jaar onderdeel van zullen zijn. Er zijn veel mensen bezig met die nieuwe organisatie: hoe het moet worden, wat de positionering en de missie moet zijn. Groei is daarin het leidende principe, maar voor mij nog steeds niet duidelijk hoe dat moet worden geïnterpreteerd. Tot nu toe vind ik het als medewerker lastig om de missie scherp te krijgen en te zien en te voelen wat dat betekent voor ons, voor mij. Kan ik mij verbinden aan deze missie? Wil en kan ik mijn talenten hiervoor inzetten? Betekent groei vooral ‘groter en meer’ (meer omzet, meer export, meer producten, …)? In mijn beleving is deze vorm van groei eindig en daarmee geen goede investering in onze economie en maatschappij. Echter, als wij gaan werken aan duurzame circulaire groei, waarbij wij als Nederland vanuit goed voorbeeldgedrag een bijdragen gaan leveren aan nieuwe kennis, technologie en werkwijzen die duurzaam zijn voor mensen en voor Moeder Aarde, dan begin ik te stromen en krijg er zin in.

Rijnlands of Angelsaksisch? Telt de intentie?

Nu terug naar ons initiatief, vanuit onze intentie om onze inhoudelijke kwaliteiten te mobiliseren en aan te bieden aan de nieuwe leiding van de organisatie. Niet als terechtwijzing, niet als muiterij, maar puur vanuit het aanbieden van onze talenten, kennis en ervaring. Niet vanuit het niet-vertrouwen van de talenten van de nieuwe bestuurders, maar vanuit de wetenschap dat de wereld te complex is om door een paar mensen te overzien. We hebben alle talenten en inzichten nodig om samen succes te creëren. Dus waarom wachten met onze talenten aanbieden? Een deel van onze collega’s ziet dat echter anders en haakt af met argumenten als: het is ons niet gevraagd door de nieuwe leiding, dit wordt toch al gedaan of ik ben te druk met mijn doelen van dit jaar. Jammer, ik had ze er graag bij gehad, want hoe meer verschillende talenten, hoe beter het resultaat.

Ik voel de angst, maar ben niet bang

Ik begrijp het ook en respecteer ieders keuze. Ik voel zelf de angst die bij mij opkomt als ik nadenk over de consequenties van mijn eigen gedrag en keuzes. De angst voor mijn eigen positie, voor de afkeuring en afwijzing van anderen, wat als ik straks niet mee mag naar de nieuwe organisatie, per slot van rekening moet een derde van de mensen afvallen.
Maar kan en wil ik zo nog wel werken? In de film ‘de 5 legendes’ zegt het jongetje Jamie heel treffend tegen de Boeman (die symbool staat voor angst) “ik geloof in je, maar ik ben niet bang voor je!”. Ik leer mensen om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor hun talenten en hun gedrag – geef alleen het beste van jezelf. Stap in je eigen grootsheid. En ik wil dat zelf ook doen, ondanks de angst die ik af en toe ook voel.

Stap in je grootsheid

Ik bied mijn talenten aan om met anderen mensen te werken aan een missie die goed is voor de nieuwe organisatie en de BV Nederland, maar uiteindelijke ook voor deze planeet. Als mijn talenten daar niet gewenst of passend zijn, ga ik op zoek naar een nieuwe speelveld met een duurzame missie waar ik in geloof.
Net als bij de mensen van Jazo, snap ik best, dat ergens voor gaan staan en initiatief nemen spannend is. Het is makkelijker voor anderen om je neer te halen om iets dat je doet, dan om iets dat je nalaat te doen. Toch is het, in mijn beleving, tijd dat we durven staan en initiatief nemen voor waar we in geloven. Voor mij is dat samen gaan voor een mooier Nederland en een betere wereld met ruimte voor iedereen. En als ik soms de verkeerde woorden gebruik om dit uit te drukken (dit is niet mijn grootste talent), dan vraag ik de mensen om mij heen om mij te vergeven voor die fouten, te leren hoe het beter kan en te vertrouwen op mijn intenties.

Ik ben bereid te duwen tegen de boom op de weg, die ons nog tegenhoudt, wie durft er mee te duwen?

De missie is de baas…

… zoals mijn collega Anke Wiersma altijd zegt. De missie is de baas betekent dat je je denken en handelen afstemt om dat wat je wilt bereiken. In een bedrijf gaat het dan dus over de toegevoegde waarde die je wilt leveren aan de klanten die je bedient. De missie is de baas geeft daarbij de ruimte om het op je eigen manier, vanuit jouw talenten en voorkeuren te doen. Dit geeft een gevoel van vrijheid voor de eigenheid van mensen, en daarmee ontstaat flow: zaken gaan gemakkelijk en goed. Dat klinkt zo logisch, maar blijkt toch steeds weer lastiger in de praktijk.

Domme gans

“Maar natuurlijk snapt zij die email niet, en dus gaat het mis. Dee domme gans heeft alleen de lagere school gedaan, die is daar veel te dom voor.”
Afgelopen week was ik in gesprek met een ondernemer die in zijn bedrijf steeds meer de missie de baas krijgt, maar toch weer tegen oude patronen aanloopt. Hij vertelde hoe hij de dag ervoor op kantoor zat, en het bovenstaande gesprek aanhoorde van zijn accountmanager en zijn logistiek planner. “En dit was niet de eerste keer dat ik deze twee mensen zo hoorde praten. Het is een regelmatig terugkerend patroon, waarbij beide leidinggevenden veel tijd bezig zijn met praten over de persoon die volgens hen de oorzaak is dat orders niet op tijd of niet volgens afspraken uitgeleverd worden. Wat moet ik hiermee?”

De baas spelen

Een herkenbaar vraagstuk in veel bedrijven, zo heb ik ervaren. Mensen die meer bezig zijn met ‘de baas spelen’, dan met ‘de missie is de baas’. Tijd en energie wordt gestopt in het herbevestigen van de hiërarchie, en het onderbouwen dat dat ook zo hoort, want die mensen van de werkvloer zijn zo dom/ongemotiveerd/eigenwijs/lui/….. Ik geloof dat we veel tijd en energie zullen blijven verspillen, zolang we tolereren en zelf meedoen aan het praten over anderen, alsof zij minder waard zijn, in welke vorm dan ook. Ik maak mij daar zelf ook regelmatig schuldig aan. Het is een patroon dat we zo lang hebben gekoesterd, dat ik soms niet in de gaten heb dat ik het doe. Later realiseer ik mij dan dat dit niets oplevert en probeer ik te herstellen voor zover mogelijk. Door steeds weer alert te blijven merk ik wel dat het patroon langzaam aan begint te verdwijnen.

Missie de baas

Missie de baas

Met elkaar in gesprek

Met de eerder genoemde ondernemer heb ik gesproken over wat hij zou kunnen doen. En eigenlijk kwamen we op twee belangrijke lijnen: de eerste was: zelf het goede voorbeeld geven. Daar begint in mijn beleving elke wezenlijke verandering mee. Immers, als je zelf niet het goede voorbeeld geeft, hoe kun je dan je mensen aanspreken op hun aandeel? In dit geval was dus de vraag: hoe kun je als ondernemer zelf uit de hiërarchie stappen en laten zien dat jij niet de baas speelt, maar de missie de baas laat zijn. Hij bedacht dat hij ze niet terecht zou wijzen (de baas spelen), maar met deze twee mensen het gesprek aan zou gaan over de missie en hun rol en toegevoegde waarde daarin.
De tweede lijn was aanmoedigen en steeds opnieuw het gesprek aan gaan. Met daarbij de focus op de missie en op de spelregels die ze met elkaar hadden bedacht om de missie te realiseren. Hij besloot om met de groep opnieuw in gesprek te gaan over de toegevoegde waarde van álle mensen in zijn bedrijf en de nadruk te leggen om de complementariteit van een ieder. Iedereen is nodig en draagt bij aan het geheel. Ieder met zijn eigen talenten en zijn eigen aandeel. Waarbij hij wilde laten zien hoe de dame die voor domme gans was uitgemaakt de missie heel goed begreep. Zij wist namelijk elke middag opnieuw alle orders die voor vier uur binnenkwamen rond vijf uur correct de deur uit te krijgen, mits zij de juiste informatie ‘van bovenaf’ kreeg. En zijn boodschap aan de twee leidinggevenden: ‘laten we met elkaar praten en niet over elkaar’.

Wie is er de baas? De manager of de missie?

Toegift
Vanochtend hoorde ik het inspirerende verhaal van Benno Schildkamp van Foodconnect over Voetballend ondernemen! Ik had het boek al gelezen en was al enthousiast, maar na zijn verhaal zie ik nog beter wat een mooie metafoor ‘zijn voetbalteam’ is voor het centraal stellen van mensen en missie de baas laten zijn. Zeker een aanrader om te lezen als je wilt horen hoe je dit kunt doen in je eigen organisatie. Voor meer informatie zie: http://www.foodconnect.nl/nieuws/voetballend-ondernemen

Overtuigingen Overboord

Hoe hardnekkig en stiekem belemmerende overtuigingen kunnen zijn bleek deze week weer eens. Ik was, samen met collega Anke, bij een middelgroot groen bedrijf. We zijn hier al een tijdje in gesprek met één van de directeuren en een hoofd van een afdeling over sociale innovatie. Beiden erkennen dat er nu niet het beste uit henzelf en hun mensen wordt gehaald, en dat willen ze dat wel willen. Het bedrijf wil gaan voor ‘groei en bloei’ van hun mensen en van hun klanten.

Stilstand

We waren hier al een aantal keren enthousiast bezig geweest, maar het proces dreigde stil te vallen. Het bedrijf heeft de potentie om Slimste bedrijf van Nederland te worden, maar het komt er maar niet uit. Tijdens ons gesprek deze week kwam dit weer ter sprake en we leken in een kringetje rond te draaien. De wil is er zeker, maar de actie komt maar niet, vonden ze zelf. Ze vertelden dat in het vorige overleg met alle leidinggevenden de acties zij hadden voorgesteld door de groep waren getorpedeerd. Waarom? Volgens zeggen van deze twee, doordat de mede-directeur, die zijn mening in eerste instantie achterhield, het uiteindelijk niet enthousiast had gesteund. Uiteindelijk keek iedereen naar de mede-directeur, werd het voorstel afgewezen en kwam het proces tot stilstand.

Die ken ik!

Op zich natuurlijk niets nieuws. Ook in mijn eigen organisatie merk ik steeds weer dat als je zelf met sociaal innovatieve ideeën komt, onze leiding niet direct enthousiast is. Maar mag je dat eigenlijk wel verwachten? En misschien nog belangrijker: doet het er eigenlijk toe? Ik weet nog goed dat ik vorig jaar een 1 op mijn beoordeling kreeg (1 is reden tot ontslag). De leiding begreep niet wat ik aan het doen was. Mijn eerste neiging: stoppen met wat ik deed en boos worden. Dus stoppen met doen waar ik echt in geloof. Hoe stom van mijzelf. Gelukkig had ik oplettende collega’s die mij, na een paar weken vakantie, hebben wakker geschud met de opmerking: “geloof je in jezelf en geloof je dat je de goede dingen aan het doen bent? Wees dan trots op je 1, ga er voor staan!” En het bleek zo waar. Juist door er toen voor te blijven staan, zijn er zaken in beweging gekomen, werd duidelijk dat ik serieus was en het niet alleen een mooi verhaal was. Ik wil dit echt.

Je ziet het pas als je het ziet

–Jan Bommerez
Zo ook bij deze onderneming. Al pratende over het proces, kwam Anke op gegeven moment met de opmerking: Volgens mij geloof jij ook dat de mede-directeur alles bepaalt. Klopt dat? En toen viel ineens het kwartje. Ook hij had was de mede-directeur blijven volgen, hoewel hij wist dat dit niet de juiste weg was. Hij was niet gaan staan voor zijn eigen inzichten. Niet ‘de missie was de baas’, maar zijn mede-directeur. Hij had geklaagd dat zijn collega-leidinggevenden allemaal naar de mede-directeur keken voor het beslissende antwoord, maar dat deed hij zelf ook. No more!

Groene streep

Dit inzicht bracht meteen weer beweging. Het afdelingshoofd vertelde dat zij op haar eigen afdeling een groen streep op de muur had geschilderd om letterlijk te onderstrepen, dat zij op haar afdeling iedereen wilde laten ‘groeien en bloeien’. Ze had verantwoordelijkheden en taken met de groep herverdeeld, tot verbazing van haar collega’s, opdat zo iedereen meer kon doen waar hij of zij goed in was. En het gevolg? Andere afdelingen kwamen vragen waar die groene streep voor stond en wilde dat ook wel. Goed voorbeeld, doet goed volgen.

Welke stiekeme overtuiging houdt jou nog tegen?

Ga door als je ergens in gelooft, laat je niet remmen door mensen die dit nog even niet (kunnen) geloven, maar zeker niet door je eigen overtuigingen.
High Five, voor deze twee fantastische mensen. Op naar een nominatie voor het Slimste bedrijf van Nederland.

Op mijn stip

Het beste uit mensen voor welvaart en welzijn… zo heet de workshop/lezing die ik momenteel regelmatig geef bij ondernemers en bedrijven. Vanuit de stelling dat als mensen ‘wel-zijn’ ervaren, goed in hun vel zitten, plezier hebben in hun werk en bij kunnen dragen aan zinvol werk, zij ook beter presteren in termen van rendement, winst en klanttevredenheid. David Maister heeft deze stelling jaren geleden al wetenschappelijk onderbouwd, toch blijkt het nog steeds een flinke uitdaging voor bedrijven.

Klein is het nieuwe groot

Het beste uit mensen te halen, begint bij het beste uit die ene mens en niet meer bij de organisatie of de systemen. Vanuit die ene mense ontstaat de verbinding met de missie (want ‘de missie is de baas’, zegt mijn collega Anke altijd zo mooi) en ontstaat de bijdrage aan het grotere geheel in de organisatie. Dit denken vanuit klein naar groot is een uitdaging in organisaties. Het vraagt ruimte aan individuele verschillen en diversiteit. De managementmodellen die we jarenlang aanbeden en gepredikt hebben, leve de MBA-ers, denken vanuit groot naar klein. Iedereen past zich aan aan de efficiëntie van het systeem. De mens is het laatste radartje in het organisatiemodel. Maar ja, we hebben niet voor niets het typische Rijnlandse spreekwoord “wie het kleine niet eert,….”. Ik geloof ook stellig daar hierin het MKB nu het voortouw gaat nemen. Waar voorheen alle grote managementmodellen in grote bedrijven werden bedacht en overgedragen naar het MKB, zullen nu MKB-ers laten zien hoe je ‘het beste uit mensen kunt halen…’ door het kleine te herkennen en erkennen en daarmee groot te zijn!

Eerst ik dan de ander

Het beste uit mensen begint dus bij mij, want ik ben die ene mens. Hoe haal ik het beste uit mijzelf? Wat heb ik nodig om een bijdrage te leveren aan ‘de missie, die de baas is’? Ik zie daarin voor mijzelf twee stappen: stap 1 – op mijn stip (gaan) staan en stap 2 – van daaruit verbinden met anderen, groeien en verder excelleren.

Om op mijn stip te staan moet ik mijzelf (leren) kennen. Dat vraagt tijd en aandacht, maar geeft mij ook veiligheid en stabiliteit. Het gaat daarbij om vragen als wie ben ik, wat zijn mijn talenten, wat wil ik toevoegen, en wat zijn mijn grenzen (wanneer ga ik van mijn stip af). Dat laatste is wel een hele belangrijke; mijn grenzen aangeven en er zo voor zorgen dat ik op mijn stip kan blijven staan. Goed voor mijzelf zorgen dus, voordat ik voor een ander, de organisatie of de missie kan zorgen. Pas dan is er in mijn beleving ook ruimte voor stap 2: verbinden met anderen, leren en excelleren.

Zorgen voor mijzelf

Ik hoor het regelmatig mensen zeggen “je kunt alleen voor een ander zorgen als je eerst voor jezelf zorg”. Zoals in het vliegtuig. Bij een calamiteit moet de ouder eerst zelf zijn zuurstofmasker opzetten voordat hij of zij dat bij het kind mag doen. We weten allemaal dat het waar is. Toch doe ik het zelf niet altijd, en zie ik, zeker in deze roerige tijd, veel mensen om mij heen die het ook niet doen. Waarom is dat?

Wat zeg ik als iemand voor zichzelf kiest? Vaak zeg ik “Goed van je!” “Dapper!”, maar denk ik dat ook? Of denk ik soms ook “wat egoistisch!” “en ik dan…?”. In mijn hart weet ik zeker dat je eerst voor jezelf moet zorgen voordat je voor een ander kunt zorgen. En dan bedoel ik natuurlijk vooral in tijd en aandacht. Ik heb het hier niet over geld en andere materiële zaken. Waarom zegt mijn hoofd dan soms iets anders dan mijn hart? Ik denk dat dit er mee te maken heeft dat zorgen voor jezelf ook een grote eigen verantwoordelijkheid inhoudt. Je kunt namelijk niets meer afschuiven op een ander of op de omgeving. Hoeveel makkelijker zou het zijn als onze partner voor ons zorgt, onze baas voor ons zorgt, onze overheid voor ons zorgt…. Dan kunnen wij lekker achterover gaan zitten. Maar ja, zo halen we niet het beste uit mensen en uit onszelf. Het is tijd voor eigen verantwoordelijkheid, eigen grenzen aangeven en zorg voor onszelf. Luisteren naar mijn hart en ons hoofd leren “voor mijzelf zorgen is heel sociaal”.

Het beste uit mij…

Op dit moment sta ik stevig op mijn stip en ervaar ik dagelijks dat geven aan anderen en aan de missie geen enkele moeite kost. Hier sta ik en blijf ik staan. Mijn intentie is daarbij om van hieruit bij te dragen en tegelijkertijd anderen niet te schaden. Als dit laatste toch gebeurt wil ik jou uitnodigen om op jouw stip te gaan staan en jouw grenzen naar mij aan te geven. Dan wordt elkaar vertrouwen en samenwerken ineens een koud kunstje en wordt ‘klein vanzelf het nieuwe groot’.

Vertel mij jouw stip, zodat wij samen kunnen bouwen aan iets groots…