Tagarchief: spiegelen

Spiegelen vertoont barsten

Samen met mijn collega’s komen wij er steeds meer achter dat werkelijke sociale innovatie in organisaties begint bij jezelf. Dat begint dus bij onszelf als ‘innovatieadviseur’. Het vraagt dat wij nadenken over sociale innovatie in ons werk en onze toegevoegde waarde naar MKB ondernemers. Vandaar deze blog. Zoals je zult zien zit ik nog midden in dit proces, maar ik wil het graag met jullie delen. Misschien herken je het of heb je inzichten die mij en mijn collega’s weer kunnen helpen.

Sociale Innovatieversneller

In ons werk zitten wij aan tafel met de ondernemer die zijn bedrijf of organisatie sociaal innovatiever wil maken. En daar begint het dus ook met de ondernemer zelf. Sociale innovatie blijft een trucje en een verleidingsmechanisme als het alleen voor de medewerkers moet gelden en als de ondernemer niet het goede voorbeeld geeft. Dus een belangrijk deel van ons werk is ook het in beweging krijgen van de ondernemer en zijn persoonlijke ontwikkeling. Wat betekent dat voor ons werk als ‘innovatieversneller’? Ik noem mijzelf al lang geen adviseur meer (lees blog: Einde van het adviseurs-tijdperk), omdat de tijd van overtuigen en het beter weten, zeker in dit werkveld, echt voorbij is. Wij proberen bedrijven te ondersteunen met sociaal innoveren door verhalen te vertellen, vragen te stellen en mogelijkheden te laten zien.

Spiegelen

Nu was ik afgelopen week weer bij een aantal bedrijven die de stap willen maken naar sociale innovatie. In alle gevallen was duidelijk dat de ondernemer zich zal moeten committeren aan een persoonlijk ontwikkelingstraject. De meeste van deze ondernemers zien dit ook echt wel. Maar hoe kunnen wij de ondernemer daarbij het beste ondersteunen? Een collega van mij zei afgelopen week na een dergelijk gesprek bij een ondernemer: “Nou, die zou ik nog wel eens even flink willen spiegelen.” En hiermee werd niet bedoeld, spiegelgedrag (reactie) vertonen, zodat de ondernemer kan ervaren wat zijn gedrag doet, maar verbale feedback geven. Uitspreken wat zijn gedrag voor reactie oproept bij de ander.
Maar gaat dit wel werken? Is het nog aan een ander om je te vertellen wat jouw gedrag doet bij anderen? Uiteraard met zuivere feedback (link feedback blog). Je geeft daardoor nog steeds de ander het gevoel dat hij of zij het niet goed heeft gedaan. Daarmee accepteer je de ander niet volledig, wat mogelijk niet leidt tot leren en ontwikkelen. Wat zou er gebeuren als we ondernemers alleen nog maar aanmoedigen op het moment dat ze voorbeeldgedrag laten zien en zich kwetsbaar durven op te stellen naar hun medewerkers? Of terwijl alleen maar Orka-awards uitdelen? Zijn mensen dan in staat om hun eigen verandering en ontwikkeling door te maken, zonder dat ze concrete feedback krijgen, behalve het spiegelgedrag van mensen om hen heen?
Het verschil zit in de vooronderstelling dat iedereen zijn schaduwkanten wel kent en dus alleen de ruimte nodig heeft om deze te omarmen en hieruit te groeien. En vaak gaan we er vanuit dat de ander dit niet weet en dus feedback nodig heeft om te kunnen leren.

Spiegelen op verzoek

Maar wat als iemand zijn schaduwkant niet zegt te kennen? En hij of zij vraagt om te helpen? Vragen om de spiegel te zijn. Dit zal iemand alleen doen als hij jou vertrouwt en respecteert. En hij zal het doen op een moment dat hij of zij zich sterk genoeg voelt om het te kunnen horen en een plek te geven. Maar wat geef je dan terug? Wat zijn of haar gedrag met mij doet? Maar zegt dat niet vooral iets over mij? Liggen er wel antwoorden in de spiegel, dus in de ander en de omgeving? Of liggen de antwoorden alleen in jezelf? Dan zouden we geen feedback moeten geven, maar alleen vragen stellen. Vragen over zijn of haar essentie, vragen of zijn of haar dromen, vragen over zijn of haar toegevoegde waarde, vragen over zijn of haar waardensysteem…..

Als wij zo onze rol als innovatieverleider zouden invullen, zouden we dan effectiever zijn, of hebben we het toch nodig om af en toe een zetje te geven en te spiegelen? Wat vind jij?

Tijd voor mij om te experimenteren en ontdekken!

Advertenties

Anders doen, anders zijn

Wat is eigenlijk ‘anders’? Is niet iedereen een beetje anders?

Vanuit school en de schoolbegeleidingsdienst hebben wij het verzoek gekregen om met onze dochter te gaan praten over het ‘anders zijn’. We hebben een boekje mee gekregen met de titel “De wereld van Luuk” met daarin een verhaal over een jongetje met een vorm van autisme. Wij worden geacht dit met haar te gaan lezen en dan met haar te praten over autisme. En ik merk dat ik hier enorm mee worstel. Ik heb daarbij drie vragen: waarom, wanneer en hoe?

Waarom?

De belangrijkste worsteling is: waarom zouden wij dit doen? Doen wij dit omdat dat beter is voor haar, of omdat het beter is voor haar omgeving? Haar huidige omgeving, vooral ons gezin en haar klasgenoten, weten allang dat zij anders denkt en reageert dan een ‘gewoon’ kind (wat dat dan ook mag zijn). Dus volgens mij levert het daar niet veel op om het expliciet en bewust te maken. Dat zal wel veranderen als zij straks bijvoorbeeld naar de middelbare school gaat. Maar dat duurt nog een aantal jaren.
En als ik naar haar kijk, weet ik dat zij het onbewust weet, zij benoemt het alleen niet en is het zich niet echt bewust. Wat levert het haar op om het expliciet te maken en een naam te geven? Kan zij iets met deze informatie en zo ja, is dat positief of negatief? Kan het haar helpen om haar omgeving handvaten te geven om in harmonie met haar om te gaan? Of geeft het haar juist een knauw in haar zelfvertrouwen en zelfredzaamheid?

Wanneer?

Mijn tweede worsteling is: wanneer zouden wij dit doen? Doen wij het, als haar omgeving dit wil of vraagt, of pas als zij zelf aangeeft hier iets mee te willen? Mijn gevoel zegt dat zij er nog niet aan toe is, maar misschien ben ik er zelf nog niet aan toe. Boekjes over anders zijn leiden niet tot vragen van haar kant, eerder tot afwijzing: “die wil ik niet lezen”.
Voorlopig kunnen we haar een omgeving bieden, waarin zij zich vrij kan bewegen, lekker in haar vel zit en zich goed ontwikkelt. Is het al tijd om haar wakker te schudden en te confronteren met een ‘onze’ realiteit? Want wij zijn degene die haar ‘anders’ labelen. Of is het nog tijd om te genieten en kinderlijk vrij te zijn?
De discussie bij Rondom Tien zet mij wel weer aan het denken.

Hoe?

En als we haar dan gaan helpen om het bewust te maken en onder woorden te brengen: hoe doen we dat dan? Welke wegen kunnen wij bewandelen? Welke rol hebben wij als ouders daarin? Zijn wij er om vooral onvoorwaardelijk van haar te houden, of hebben wij een verantwoordelijkheid om haar daarin te begeleiden? En hoe doe je dat dan op een liefdevolle en onvoorwaardelijke manier?

Ik heb vast een paar tips gekregen die ik ga onderzoeken (dank je wel Jenny):
De wereld van Luuk, Ik ben Speciaal, Mick is anders, Bibi en autisme,…

Maar de belangrijkste tip: volg je gevoel!

Rode aap: blijven of gaan?!

Red Monkey Innovation Management

In de metafoor van Jeff Staas, ‘mijn organisatie is een oerwoud’, begeven zich Red Monkeys. Dit zijn apen die aan de rand van het oerwoud (de organisatie) in contact komen met bijvoorbeeld rode krabben op het strand grenzend aan het oerwoud. Door de invloed van deze rode krabben, verandert de aap zijn kleur. Deze rode apen staan voor de mensen in een organisatie die innoveren en vernieuwen. Deze mensen passen niet zo goed in de organisatie en moet je dus ook niet midden in het oerwoud brengen. Daar worden ze afgeslacht door de traditioneel bruine apen, die willen dat alles in het oerwoud bij het oude blijft. Toch heeft het oerwoud rode apen nodig, voor als er bijvoorbeeld een ziekte uitbreekt, of hongersnood. Zij zorgen voor de mutaties die nodig zijn bij veranderende omstandigheden. En vergroten daarmee de overlevingskans van de kolonie.

Mijn Red Monkey-schap

Nu ben ik zelf zo’n Red Monkey. Ik hou van vernieuwing, ben nieuwsgierig naar de wereld om ons heen, af en toe een beetje ondeugend en probeer mij aan te passen om zo het belang van onze organisatie, zeg maar: haar werkelijke toegevoegde waarde, zo slim mogelijk te realiseren. Nu leven wij op dit moment in een sterk veranderende omgeving, denk maar aan het financieel-economische systeem, de politiek, het klimaat en demografische ontwikkelingen. Roerige tijden die zijn invloed ook op onze organisatie niet missen. Reden voor ons MT om het voortouw te nemen in een herpositionering. Het is tijd om duidelijk te kiezen waar onze werkelijke toegevoegde waarde ligt en daar met elkaar de schouders onder te zetten.

In het oerwoud

Afgelopen week hadden wij in dat kader een ouderwetse heisessie met alle mensen uit onze regio, met als doel het scherp krijgen van onze toegevoegde waarde en het vertalen daarvan naar ons concrete werk: hoe kunnen wij deze toegevoegde waarden dan slim realiseren?
En wat schetst mijn verbazing, zowel het proces, als de voorstellen van veel van mijn collega’s, zijn een herhaling van onze positionering van 10 jaar geleden. Een grotendeels topdown proces onder het mom van “dat hoort een MT toch te doen, wat hebben ze anders voor toegevoegde waarde”, aldus de externe die ons begeleidde (deze laatste vraag vind ik overigens een hele interessante, maar daar was geen tijd voor). En volgens velen alleen nog activiteiten die we 10 jaar geleden al belangrijk vonden: technologische innovatie stimuleren, en vooral niet te veel bezig met nieuwe zaken als spiritualiteit, social media en ondernemerschap.

Ben ik nog wel een Red Monkey?

Al 10 jaar vecht ik in onze organisatie om de onderwerpen rond Sociale Innovatie hoog op de agenda te krijgen, omdat ik weet, zie, geloof en voel dat daar de sleutel ligt om de huidige roerige tijden het hoofd te bieden en zelfs economisch sterker uit de strijd te komen. Maar hoe lang wil ik nog strijden? Soms ben ik het zo moe om altijd maar weer de barricades op te gaan. Soms word ik zelfs cynisch. Ben ik nog wel een Red Monkey of word ik langzaam aan een oude zeur?

Great work

Het is voor mij tijd om een essentiële keuze te maken vanuit de vraag: Waar is mij eigen toegevoegde waarde het grootste: aan de rand van een traditioneel opererende organisatie (als Red Monkey) of als zelfstandig ondernemer op zoek naar plekken waar ik kan helpen bouwen en minder hoef te vechten?

Mooi filmpje over Great Work, met dank aan Dorothé Vos.

“Als je doet wat je altijd hebt gedaan, krijg je wat je altijd hebt gekregen” (Richard Bandler, NLP)
Dit geldt zowel voor mij, als voor Syntens!

Externe maatstaf

Afgelopen week had ik vergadering met de MR (medezeggenschapsraad) op de basisschool van mijn kinderen. Op gegeven moment kwam het onderwerp op de leerprestaties van kinderen op school. Uit onderzoek binnen alle Arnhemse scholen was de conclusie getrokken dat de school “toetsgericht werkt”. Dit betekent dat er in de klassen bewust wordt gewerkt om de cito-score van de kinderen gunstig te beïnvloeden. Het gaat hier niet om de cito-toets van groep 8, maar de cito toetsen vanuit het leerlingvolgsysteem. Dit kunnen de onderzoekers herkennen, doordat zij weten welke leermethoden de school gebruikt. Aan de hand daarvan kunnen ze zien dat kinderen zaken beheersen die ze eigenlijk nog niet gehad zouden moeten hebben, als de leermethode strikt was gevolgd. De discussie ging er over of dit wenselijk is en waarom. Wat mij opviel in deze discussie is, dat er vooral geredeneerd wordt vanuit het perspectief van ouders (die vinden het vreselijk belangrijk dat hun kinderen goed presteren op de cito) en docenten (die zich enorm hebben te verdedigen richting deze vaak zeer mondige ouders). Dat het niet wenselijk is vanuit een kindperspectief, omdat het voor kinderen te verwarrend is, wordt afgedaan met: “Maar op de cito-toets van groep 8 scoren de kinderen toch heel goed, dus het heeft geen effect”. En dat laatste is zeker waar als je kijkt naar cognitieve ontwikkeling.

Eén van mijn mede-ouders in de MR vertelde haar ervaring op een andere school. Deze school wilde een aparte klas voor hoogbegaafde kinderen starten. Veel ouders hadden hun kind aangemeld voor dit initiatief. De kinderen werden getest en deze ouder deed samen met de onderzoeker de terugkoppeling naar de ouders. En wat bleek: veel ouders bleken hun kinderen zwaar te overschatten en een groot deel van de kinderen bleken gemiddelde kinderen.

Wat is hier toch aan de hand, vraag ik mij af. Waarom hechten wij / ik toch zo veel waarde aan de cito-score en IQ? Als je het goed doet op school heb je later veel meer kansen, heb ik van mijn vader geleerd. Maar is dit wel zo? In mijn dagelijkse praktijk met ondernemers kom ik menig succesvol ondernemer tegen die het juist helemaal niet goed deed op school. Het manier van onderwijs sloot niet aan bij de behoefte van deze ondernemers, waardoor zij afhakten of gingen klooien.  Maar hoe erg is dat? Deze ondernemers zijn toch ook prima terecht gekomen.

Gaat het wel over de toekomst van onze kinderen, of speelt er nog iets anders mee? Met zelf een kind dat aan geen enkele externe maatstaf voldoet, merk ik dat als je even doorpraat met ouders bijna alle kinderen wel een vlekje hebben en zorgen geven. Toch willen wij heel graag aan de buitenwereld doen geloven, dat wij de ideale ouders zijn, met perfecte kinderen. Anders zijn is lastig, past niet in ons leefpatroon, past niet bij ons statusprofiel. Een externe maatstaf die wij als ouders elkaar opleggen. Maar worden onze kinderen daar gelukkiger van? Ieder gezond denkend mens zal meteen ontkennen. Natuurlijk niet. Onze kinderen worden gelukkiger als wij ze zichzelf laat zijn, aanmoedigen om zichzelf te ontwikkelen en de ruimte geven om zelf te leren en fouten te maken.

En er is er maar één die dit kan veranderen, dat ben ik zelf. Ik spreek met mijzelf af dat ik vanaf nu de Cito-scores niet meer belangrijk vind. Als mijn kinderen zich even minder goed ontwikkelen ga ik overleggen met de juf zij denkt dat nodig is, en wat ik kan doen om te helpen. Daarmee hoop ik de juf het vertrouwen te geven om vooral vanuit het kindperspectief te blijven kijken en handelen. En naar de buitenwereld schreeuw ik uit: mijn kinderen zijn niet perfect, ze zijn gewoon lekker kinderen, waar wij nog veel van kunnen leren. En als jij nu mee doet, wie weet wordt het onderwijs dan weer een stukje fijner voor onze kinderen!

Geniet nog even van dit prachtige kind: Adora Svitak over wat volwassen en kunnen leren van kinderen:

Anders kijken naar autisme

Ik kwam net via de Ning van PassenderWijs een prachtig filmpje tegen van Abraham Hicks waarin zij de andere kant van autisme laat zien. Namelijk kinderen die bewust voor deze vorm van leven hebben gekozen en daarin volledig vrij zijn. Vrij van onze regels, gewoontes, verwachtingen en voorwaardelijke liefde. Prachtig om zo naar deze kinderen te kijken en van ze te leren.

De kracht van de metafoor

Afgelopen week heb ik weer twee mooie voorbeelden gezien waarin metaforen ons kunnen helpen om zaken beter te begrijpen, zonder in een semantische discussie te geraken.

De eerste was een gesprek met een ondernemer over groeien van zijn bedrijf. Hij had een heel verhaal over dat hij wel wilde groeien vanwege de uitdaging, maar ook bang was in de groei het contact met de mensen te verliezen. Vervolgens kwamen er allemaal argumenten en onderbouwen verschillende richtingen op, met als gevolg dat wij beiden door de bomen het bos niet meer zagen. Tot we op de metafoor van een schip kwamen. Een schip dat door verschillende ankers op zijn plek werd gehouden en leek te dobberen. De vraag werd vervolgens kun je de ankers lichten en op reis gaan naar nieuwe plekken (en dus uitdaging houden), zonder dat het schip veel groter wordt? Nu werd voor hem ineens veel duidelijker wat de mogelijkheden waren en welke extra keuzes hij had. Door buiten het kader te denken bleek er meer mogelijk dan vooraf gedacht. Met name het feit dat hij nu niet alles hoefde uit te leggen of onder woorden te brengen hielp hemzelf enorm om los te komen uit de huidige situatie en te kijken naar de mogelijkheden voor de toekomst. ‘Een beeld zegt meer dan duizend woorden’.

We hebben afgesproken het vervolg gesprek zelfs nog een stap verder te gaan, namelijk met een organisatie-opstelling, waarin nog sterker het beeld zijn verhaal vertelt zonder woorden.

Tevens kreeg ik deze week het E-book van Juul Martin, genaamd De Boom, gemaild. Het boek gaat over jezelf snappen, het anders doen en blij worden. Hij heeft dit hele proces beschreven vanuit de metafoor van de boom. Wat mij betreft ook een prachtige en krachtige metafoor als het gaat over onszelf. Ik merk zelf dat als ik mij alleen al identificeer met een boom, ik mij sterker en zekerder voel. Juul neemt je mee in deze metafoor en laat je zien hoe je aan de hand van een aantal vragen jezelf beter kunt snappen en kunt leren het anders te doen, met een blijer resultaat. Het is niet alleen een heel praktische en duidelijke aanpak om in kleine stappen zelf gelukkiger te worden. Het heeft ook prachtige illustraties van Linde Ex en de pagina’s zijn niet helemaal volgepropt met letters. Voor visuele mensen zoals ik een verademing vergeleken met veel boeken over dit thema. Wat mij betreft een aanrader voor mensen die zelfstandig aan persoonlijke groei willen werken. Zelf wil ik het wel eens uitproberen in een intervisie situatie. Kijken of dat ook werkbaar is.

Laat je mee nemen in de metafoor van Juul met De Boom!

Een weekje spiegelen

‘Als je weet wie je bent, heb je alles!’

Dit stond er deze week op Twitter. Dit was de conclusie van een wel zeer bijzondere leren-van-elkaar-kring die ik de dag ervoor heb mogen meemaken. In deze kring was de oorspronkelijke vraag van de ondernemer: hoe komt het dat ik op dit moment niet tot beslissingen kom en wat kan mij helpen om wel weer besluitvaardig te worden. Al snel werd duidelijk dat deze ondernemer elk doel dat hij stelt, en dus elke werkelijke beslissing die hij neemt, ook realiseert, en zeer succesvol ook nog. Maar na alle doelen en successen ontdekt hij dat het hem steeds maar kort voldoening gaf. Een groter bedrijf, meer winst, een grotere auto, betere klanten. Alles lukt, maar wordt je hier nu gelukkig van?

Leren-van-elkaar-kringen

In een leren-van-elkaar-kring brengen wij enkele ondernemers bij elkaar die met elkaar aan de slag gaan met het vraagstuk van één van de ondernemers. Ze helpen elkaar om de vraag te onderzoeken en tot adviezen en inzichten te komen. Onze rol is vooral om de vraag vooraf vast goed te identificeren en tijdens de kring om het proces te bewaken. Verder leren wij net zo hard als de ondernemers in de kring.

Witte Spiegel

van: Isabelle Nave

Afgelopen dinsdag begon volgens de Mayakalender de 13 dagen van de Witte Spiegel. Tijd om eens flink in de spiegel te kijken, en dat gebeurde dus ook. Daarbij klonken de woorden van Paul de Blot van de week ervoor nog duidelijk door: alles wat je hebt kun je verliezen en geeft daarmee angst, alles wat je bent raak je niet kwijt en geeft daarmee zekerheid (of veiligheid, zo je wil).

DroomSyntens

Ook zelf heb ik weer eens goed in de spiegel gekeken en mijzelf af gevraagd: waar ben ik mee bezig, is dit waardenvol genoeg, waaraan wil ik bijdragen en waar droom ik van. Een deel van mijn droom en bijdrage kan ik kwijt in mijn werk bij Syntens: ondernemers leren hoe zij op een mooiere en fijnere manier in hun bedrijf kunnen samenwerken op basis van individuele krachten in plaats van hiërarchische machten. Maar ik geloof ook dat ik mijn betekenis kan vergroten door ook in mijn eigen organisatie te streven naar een dergelijke manier van werken. Dit heeft concreet geleid tot een actie om samen met, in eerste instantie, twee collega’s te gaan werken aan onze DroomSyntens. Door onszelf en anderen (binnen en buiten de organisatie) te vragen hoe wij onze missie het beste kunnen realiseren gaan wij op zoek naar mooiere en betere manier van samenwerken en uitvoeren. Wil jij ook meedenken en discussiëren, meld je dan aan voor de LinkedIn-groep DroomSyntens. Wij zijn erg nieuwsgierig naar jouw mening en aanbevelingen om onze impact en betekenis nog verder te vergroten.

Hou mij/ons de spiegel maar voor!