Tagarchief: welvaart

Op mijn stip

Het beste uit mensen voor welvaart en welzijn… zo heet de workshop/lezing die ik momenteel regelmatig geef bij ondernemers en bedrijven. Vanuit de stelling dat als mensen ‘wel-zijn’ ervaren, goed in hun vel zitten, plezier hebben in hun werk en bij kunnen dragen aan zinvol werk, zij ook beter presteren in termen van rendement, winst en klanttevredenheid. David Maister heeft deze stelling jaren geleden al wetenschappelijk onderbouwd, toch blijkt het nog steeds een flinke uitdaging voor bedrijven.

Klein is het nieuwe groot

Het beste uit mensen te halen, begint bij het beste uit die ene mens en niet meer bij de organisatie of de systemen. Vanuit die ene mense ontstaat de verbinding met de missie (want ‘de missie is de baas’, zegt mijn collega Anke altijd zo mooi) en ontstaat de bijdrage aan het grotere geheel in de organisatie. Dit denken vanuit klein naar groot is een uitdaging in organisaties. Het vraagt ruimte aan individuele verschillen en diversiteit. De managementmodellen die we jarenlang aanbeden en gepredikt hebben, leve de MBA-ers, denken vanuit groot naar klein. Iedereen past zich aan aan de efficiëntie van het systeem. De mens is het laatste radartje in het organisatiemodel. Maar ja, we hebben niet voor niets het typische Rijnlandse spreekwoord “wie het kleine niet eert,….”. Ik geloof ook stellig daar hierin het MKB nu het voortouw gaat nemen. Waar voorheen alle grote managementmodellen in grote bedrijven werden bedacht en overgedragen naar het MKB, zullen nu MKB-ers laten zien hoe je ‘het beste uit mensen kunt halen…’ door het kleine te herkennen en erkennen en daarmee groot te zijn!

Eerst ik dan de ander

Het beste uit mensen begint dus bij mij, want ik ben die ene mens. Hoe haal ik het beste uit mijzelf? Wat heb ik nodig om een bijdrage te leveren aan ‘de missie, die de baas is’? Ik zie daarin voor mijzelf twee stappen: stap 1 – op mijn stip (gaan) staan en stap 2 – van daaruit verbinden met anderen, groeien en verder excelleren.

Om op mijn stip te staan moet ik mijzelf (leren) kennen. Dat vraagt tijd en aandacht, maar geeft mij ook veiligheid en stabiliteit. Het gaat daarbij om vragen als wie ben ik, wat zijn mijn talenten, wat wil ik toevoegen, en wat zijn mijn grenzen (wanneer ga ik van mijn stip af). Dat laatste is wel een hele belangrijke; mijn grenzen aangeven en er zo voor zorgen dat ik op mijn stip kan blijven staan. Goed voor mijzelf zorgen dus, voordat ik voor een ander, de organisatie of de missie kan zorgen. Pas dan is er in mijn beleving ook ruimte voor stap 2: verbinden met anderen, leren en excelleren.

Zorgen voor mijzelf

Ik hoor het regelmatig mensen zeggen “je kunt alleen voor een ander zorgen als je eerst voor jezelf zorg”. Zoals in het vliegtuig. Bij een calamiteit moet de ouder eerst zelf zijn zuurstofmasker opzetten voordat hij of zij dat bij het kind mag doen. We weten allemaal dat het waar is. Toch doe ik het zelf niet altijd, en zie ik, zeker in deze roerige tijd, veel mensen om mij heen die het ook niet doen. Waarom is dat?

Wat zeg ik als iemand voor zichzelf kiest? Vaak zeg ik “Goed van je!” “Dapper!”, maar denk ik dat ook? Of denk ik soms ook “wat egoistisch!” “en ik dan…?”. In mijn hart weet ik zeker dat je eerst voor jezelf moet zorgen voordat je voor een ander kunt zorgen. En dan bedoel ik natuurlijk vooral in tijd en aandacht. Ik heb het hier niet over geld en andere materiële zaken. Waarom zegt mijn hoofd dan soms iets anders dan mijn hart? Ik denk dat dit er mee te maken heeft dat zorgen voor jezelf ook een grote eigen verantwoordelijkheid inhoudt. Je kunt namelijk niets meer afschuiven op een ander of op de omgeving. Hoeveel makkelijker zou het zijn als onze partner voor ons zorgt, onze baas voor ons zorgt, onze overheid voor ons zorgt…. Dan kunnen wij lekker achterover gaan zitten. Maar ja, zo halen we niet het beste uit mensen en uit onszelf. Het is tijd voor eigen verantwoordelijkheid, eigen grenzen aangeven en zorg voor onszelf. Luisteren naar mijn hart en ons hoofd leren “voor mijzelf zorgen is heel sociaal”.

Het beste uit mij…

Op dit moment sta ik stevig op mijn stip en ervaar ik dagelijks dat geven aan anderen en aan de missie geen enkele moeite kost. Hier sta ik en blijf ik staan. Mijn intentie is daarbij om van hieruit bij te dragen en tegelijkertijd anderen niet te schaden. Als dit laatste toch gebeurt wil ik jou uitnodigen om op jouw stip te gaan staan en jouw grenzen naar mij aan te geven. Dan wordt elkaar vertrouwen en samenwerken ineens een koud kunstje en wordt ‘klein vanzelf het nieuwe groot’.

Vertel mij jouw stip, zodat wij samen kunnen bouwen aan iets groots…

De Sociale Innovatie Puzzel (5): stukje 4

Maatschappelijk perspectief

Wij ervaren het als bijzonder om te zien dat er een groeiende kentering is in het maatschappelijk denken. Om ons heen zien en ervaren wij dat de huidige systemen aan alle kanten tegen hun grenzen aanlopen. We zijn nog maar net bekomen van de eerste financiële crisis of de volgende dient zich al weer aan. Deze soms uiterst pijnlijke bewustwording van de grenzen is terug te vinden in diverse sterke en onderbouwde opiniestukken. Erkende grootheden als Michael Porter en Henry Mintzberg, maar zeker ook David Korten laten duidelijke nieuwe denkrichtingen zien, die zich aan de ene kant richten op de manier waarop veel bedrijven zijn georganiseerd en aan de ander kant op de rol van bedrijven in het maatschappelijke systeem; en dan met name de waarde die zij zouden kunnen toevoegen aan de maatschappij als geheel. Het gaat bijvoorbeeld steeds vaker gelukkig niet meer alleen over welvaart, maar ook over welzijn.

Rijnlands versus Angelsaksisch

Een discussie die vaak gevoerd wordt op het vlak van organiseren is die van het Rijnlands organiseren versus het Angelsaksisch organiseren. Een fascinerende presentatie van Jaap Peters laat aan de hand van de metafoor van American Football het verschil duidelijk zien. Het veel socialere Rijnlands kan, door zijn leven naar de geest van de wet (lees intentie), met veel minder command en control toe.

Hans Versnel schrijft in zijn boek ‘Stop de Amerikanen!’ een fraaie uiteenzetting van het feit dat Europese bedrijven per saldo eigenlijk veel betere rendementen draaien, dan het gros van de Anglo-Amerikaanse bedrijven. Shareholders value, waarin de waarde die door bedrijven wordt gegenereerd slechts bij enkelen terecht komt, kent dus duidelijk zijn beperkingen. Met andere woorden anders organiseren en met een duidelijke maatschappelijke betrokkenheid loont.

Stukje 4: Sociaal ondernemerschap

Het laatste stuk van het Sociale Innovatie GroeimodelSociale innovatie stukje 4 gaat over Sociaal Ondernemerschap. Dit gaat over meer dan alleen welvaart en welzijn van de organisatie of het bedrijf zelf en zijn medewerkers. Het gaat ook over welvaart en welzijn voor de maatschappij. Dat kan dichtbij zijn, de directe omgeving van het bedrijf: de wijk, het dorp, het verzorgingshuis in het dorp, maar ook veel groter.

De essentie van Sociaal ondernemerschap wordt mooi verwoordt door sociaal ondernemer Olga Plokhooij: “sociaal ondernemen betekent dat ik mij verbindt aan maatschappelijke doelen.” Voor bedrijven betekent dit energie, tijd en middelen optimaal inzetten om vanuit continuïteit bij te dragen aan maatschappelijke uitdagingen. Of het nu werken is aan alternatieve energie, betere voeding, effectievere en menselijke zorg, betere mobiliteit, een veiliger omgeving, eigenzinnig onderwijs ….

‘Sociaal ondernemers werken vanuit de ambitie om maatschappelijke verandering teweeg te brengen. Op krachtige en innovatieve wijze pakken zij problemen aan in samenlevingen wereldwijd. Financiële winst is niet het primaire doel, maar is wel nodig om maatschappelijke vooruitgang te kunnen boeken. De sociale meerwaarde is de belangrijkste maatstaf van succesvol sociaal ondernemen.’

Belangrijke aspecten in Sociaal ondernemerschap

Balans in geven en ontvangen
Als je in organisatietermen denkt over sociaal ondernemerschap gaat het over het aangaan van nieuwe allianties, waarin meerdere belangen gelijktijdig kunnen worden gediend; een win-win, met daarin ook verschillende soorten partijen. Dus niet twee bedrijven die samen een nieuw product of dienst ontwikkelen, maar bijvoorbeeld een zorginstelling, die samen met bewoners en een bedrijf oplossingen bedenken voor zorgvraagstukken en daar allemaal van meeprofiteren. De ene misschien in minder kosten en meer plezier in het werk, de ander door betere zorg, met meer aandacht voor de mensen en de derde door inkomsten en winst, waarvan alle medewerkers meeprofiteren. Het sociale aspect zit hem in het gevoel van gelijkwaardig van alle mensen in het meewerken en meedelen in de ‘opbrengst’. Het levert voor iedereen meerwaarde en een eerlijke balans tussen geven en ontvangen. Er zijn geen verliezers. Niet bij de mensen die hier een rol bij spelen, maar ook niet daarbuiten. En bij sociaal ondernemen is dat geen toevallige uitkomst, maar een hele bewuste keuze.

De rol van geld
Bij het bewust omgaan met geven en ontvangen is geld niet de enige maatstaf. Geld hoort eigenlijk te staan tegenover waarde. Waarde kan in vele vormen voorkomen, denk aan onderdak, voeding, scholing, een veilige omgeving, maar ook aandacht, rust, relatie. In de afgelopen tijd is geld vaak een op zich zelf staande waarde geworden, daardoor kon er met geld geld gemaakt worden. Maar bij het maken van geld met geld zijn er altijd verliezers. In sociaal ondernemen is geld weer een ruilmiddel voor echte zaken van waarden. Salaris voor het leveren van een bijdrage aan de relevante toegevoegde waarde van het bedrijf. Een prijs voor het leveren van een dienst, zodat het bedrijf door kan gaan deze dienst te leveren aan anderen. Waarden in welvaart én welzijn. Winst en geld worden weer middelen om dit blijvend te realiseren.

Relevante Toegevoegde Waarde
Michael Porter beschrijft dit in The Big Idea als ‘Adding Shared Value’, dus niet zomaar toegevoegde waarde leveren, maar Relevante Toegevoegde Waarde. Toegevoegde waarde die relevant is voor een grotere groep, dan alleen de aandeelhouders van het bedrijf.

Een betere wereld begint bij mijzelf, maar de kracht zit in het collectief. Wij samen! Maar wat hebben wij daarvoor nodig? Ik zie hierin drie belangrijk zaken.
Ten eerste terug ‘naar de kern’. Wat is onze kracht, wat drijft ons (waar zit onze passie) en waar zit onze verbinding (wat kunnen we samen beter dan alleen)?
Ten tweede: welke uitdagingen zien we om ons heen waar we wel wat mee zouden willen doen? En dat combineren: hoe kunnen we onze talenten en passie inzetten voor relevante toegevoegde waarde?
Het derde dat wij nodig hebben zijn kleine en interactieve organisaties. Organisaties waarin transparant en zichtbaar is hoe, met welke talenten en waar relevante toegevoegde waarde wordt geleverd. Klein is nodig om de verbindingen te kunnen herkennen en voeden, interactief om de verbindingen ook actief te gebruiken om meerwaarde te creëren, verbindingen binnen het bedrijf, maar vooral ook met de buitenwereld. Samen met de omgeving/ maatschappij/ consumenten oplossingen bedenken voor onze grote uitdagingen. En vervolgens deze oplossingen vermarkten in binnen-, maar zeker ook in buitenland.

De opstap naar sociaal ondernemerschap

Als je om je heen kijkt zie je al diverse bewegingen en ontwikkelingen richting meer Relevante Toegevoegde Waarde en Sociaal ondernemerschap. Drie veel gebruikte termen hiervan zijn:
• Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO);
• Duurzaam ondernemen;
• Corporate Social Responsibility (CSR).

Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO)
Bij maatschappelijk verantwoord ondernemen gaat het om het vinden van een balans tussen people, planet en profit. Vaak blijkt dat deze balans leidt tot betere resultaten voor zowel het bedrijf als de samenleving. Het bedrijf neemt verantwoordelijkheid voor de (sociale) effecten van bedrijfsactiviteiten op mens, milieu en bedrijfsvoering (de drie P’s: People, Planet, Profit).
Meer info: MVO Nederland

Duurzaam ondernemen
Duurzaam ondernemen is een term die meer gebruikt wordt in het MKB. Duurzaam Ondernemen is bij alle bedrijfsbeslissingen zowel een hoger bedrijfsrendement nastreven, als de kansen benutten voor een beter milieu en meer welzijn van de medewerkers en de maatschappij. Het gaat om activiteiten die een stap verder gaan dan waartoe de wet verplicht; vanuit maatschappelijke betrokkenheid en een toekomstgerichte visie. Niet alleen rekening houden met het hier en nu, maar ook met toekomstige generaties.
Meer info: Duurzaam Ondernemen

Corporate social responsibility (CSR)
Corporate Social Responsibility is een meer Amerikaanse term voor ons MVO. Het doel van CSR is het nemen van verantwoordelijkheid voor de acties van de organisatie en het bewust kiezen voor en positieve toegevoegde waarde voor het omgeving, zijn klanten, de medewerkers, de stakeholders en anderen.

Sociaal ondernemerschap samengevat

Wij hebben deze tekst geleend van QPQ: het Nieuwe ondernemen, omdat we hem wel erg sprekend vonden.
Sociaal ondernemerschap start vanaf de basis, de plek waar het probleem wordt ervaren. De doelen van sociaal ondernemerschap zijn gesteld in termen van sociale verandering, sociale impact en een rechtvaardige verdeling van schaarste. Sociale ondernemingen worden vaak gekenmerkt door een vernieuwende, interdisciplinaire benadering. Sociaal ondernemers hebben vergaand inzicht in de samenleving en een uitzonderlijke visie op de mogelijkheden om daaraan bij te dragen.

Sociaal ondernemers zijn visionairs die door ontwikkeling en innovatie noodzakelijke veranderingen in de samenleving realiseren. Zoals alle ondernemers zijn ze trouw aan hun visie, volhardend in hun missie en zowel creatief als pragmatisch in de uitvoer.
In tegenstelling tot klassieke ondernemers deelt de sociaal ondernemer zijn uitvinding juist met anderen. Dat levert schaalvergroting op en maakt grote voorwaartse sprongen mogelijk.

Vierde puzzelstukje en samenhang

In het volgende en laatste blog van deze serie gaan we in op het hele model en de samenhang tussen de verschillende onderdelen. Wat ons betreft en zoals het in de praktijk ook blijkt zijn de onderdelen van de puzzel allemaal afzonderlijk in te zetten. Echt krachtige organisaties daarentegen zorgen er in onze beleving namelijk voor dat de hele puzzel op elkaar in grijpt. MVO kan bijvoorbeeld niet een buitenkant alleen zijn maar loopt door tot in de ziel van een organisatie. Hierover echter in het laatste blog meer!

Raymond Witvoet en Caroline Rijnbeek

Nederland Samenwerkland!

Het innovatiebeleid in Nederland wordt sterk gestuurd vanuit de visie: Nederland Kennisland. Als Nederland zouden wij sterk zijn en moeten blijven in het ontwikkelen en benutten van kennis. Er gaan enorme budgetten naar zogenaamde kennisvalorisatie: het tot waarde (economisch en maatschappelijk) brengen van kennis voortkomend uit fundamenteel en toegepast onderzoek van universiteiten, researchinstellingen en R&D afdelingen van bedrijven. Maar kunnen we hiermee onze economische en sociale welvaart vasthouden? Ik heb zo mijn vraagtekens.

Kennisland

Hoe lang kunnen wij als land nog voorop lopen in kennis en kennisontwikkeling als er in China meer hoogbegaafden worden geboren dan er in Nederland mensen worden geboren (zie: S(h)ift Happens)? En hoe lang kun je voorop lopen als alle kennis, ook van universiteiten en onderzoeksinstellingen steeds makkelijker toegankelijk en doorzoekbaar worden via het digitale net? Hoeveel voorsprong geeft kennis nog in deze nieuwe wereld?

Kernkracht samenwerken

Als je door de geschiedenis heen kijkt zie je dat Nederland zijn economische en sociale welvaart niet zo zeer te danken heeft aan kennis, maar vooral aan lef, handelsgeest en het vermogen om samen te werken over de hele wereld. De Nederlanders trokken er op uit over onbekende zeeën en waren in staat om langdurige handelsrelaties aan te gaan met vreemde volken. En dit heeft ons geen windeieren gelegd.
Op bezoek in Shanghai dit voorjaar met een grote groep ondernemers, vertelde een chinees mij dat hij graag samenwerkte met Nederlanders, omdat hij het gevoel had dat wij werkelijk proberen om met hen samen te werken. Hij ervoer dat met name in een stukje respect naar hem en het zoeken van werkelijke win-win in plaats van het enkel uitbuiten van de goedkope arbeidskracht van de chinezen. En ik denk dat hierin onze werkelijke kernkracht ligt, die wij als Nederland veel meer zouden moeten doorontwikkelen en tot ‘handelsmerk’ maken.

Samenwerkland

Goed samenwerken, zowel binnen bedrijven, als tussen bedrijven, als tussen verschillende landen is iets wat niet gemakkelijk te kopiëren is, niet met technologie en niet door af te kijken. En het is iets dat wij in principe al aardig in de vingers hebben, mits wij ons kunnen ontworstelen aan de huidige tendensen van eigenbelang, angst en hebzucht. Wanneer wij in staat zijn om te redeneren vanuit het leveren van toegevoegde waarde naar de ander (of dat nu een collega, een klant, een ander bedrijf of de omgeving is), en op zoek gaan naar de ander die dit waardeert en dus beloond, kunnen wij op een duurzame manier economie bedrijven die ons nog veel welvaart en weinig concurrentie op gaat leveren.

Vandaag beginnen

Maar hoe pak je dat aan? Hoe kun je innovatie stimuleren op samenwerken? Volgens mij heel simpel. Leer bedrijven hoe zij vanuit gelijkwaardigheid en respect samenwerken aan een eerlijke ruilrelatie binnen en buiten het bedrijf. En leer ze redeneren vanuit duurzame principes, waarin effecten en intentie belangrijk zijn. Dit start met een interne discussie over wat je als bedrijf wilt betekenen voor de ander, hoe je dit samen kunt realiseren en wie de ‘ander’ is die hiervoor werkelijk een tegenwaarde over heeft. Dus een inside-out-marktbenadering. Kaj Morel heeft in zijn boek “Identiteitsmarketing” hier al een mooie voorzet voor ontwikkeld en een paar goede voorbeelden uitgewerkt. Kijk ook eens op www.identiteitsmarketing.nl. Volgende blog hierover meer.

Innovatiebeleid in Nederland

En natuurlijk is het stimuleren van kennis en kennisontwikkeling vanuit de overheid ook belangrijk, kijk bijvoorbeeld maar naar de doorbraak op de TU Twente om uit afvalstromen biobrandstof te kunnen maken. Overigens een mooi voorbeeld van win-win voor iedereen, er lijken geen verliezers te zijn.
Maar zet als overheid ook in op het stimuleren van innovatie vanuit een visie van Nederland Samenwerkland. Hiermee kunnen we laten zien dat ons kleine Nederland nog steeds groot is in de wereld van economische én sociale welvaart.
Dit begint in mijn beleving in het MKB. MKB ondernemers zijn beter en sneller in staat om deze competentie door te ontwikkelen, dan grote logge organisaties. Deels omdat het in hun natuur zit, deels omdat zij minder geremd worden door oude structuren en systemen. Dus meer dan ooit geloof ik dat het kabinet zijn innovatiebeleid zou moeten focussen op het MKB. Hoe lastig het ook is om deze doelgroep goed en adequaat te benaderen. En dus niet Syntens afschaffen (staat in het nieuwe regeerakkoord), maar Syntens inzetten om Nederland Samenwerkland op MKB niveau te versterken en op internationaal niveau uit te bouwen. Ik weet zeker dat wij, kaaskoppen, dat als land kunnen!

Ik ga er voor, wie doet er mee?